
Het nieuwe schooljaar is weer gestart en dat betekent voor veel leerkrachten een nieuwe klas. Als er iets is wat elke leerkracht wil, is het dat elke leerling zich zo snel mogelijk thuis gaat voelen in de klas en zich gezien voelt. Die jongen met dyslexie, dat meisje met de lastige thuissituatie, de kinderen met een eigen leerlijn… geen gemakkelijke klus. En dan heb je ook nog een hoogbegaafde leerling in je nieuwe klas. Of redt die zich wel? Uit ervaring weet ik dat deze leerling vaak overschat wordt als het gaat om aanpassingsvermogen en zelfstandigheid (klik hier voor de meest voorkomende misverstanden over hoogbegaafde leerlingen). Daarom 3 tips om óók deze leerling een goede start te geven.
1. Beschouw de hoogbegaafde leerling als een potentiële zorgleerling
Nee, niet elke hoogbegaafde leerling is onzelfstandig, dwars of perfectionistisch, maar het is goed om te weten dat er wel risico’s zijn. Als je brein anders werkt, als je je bij alles afvraagt waarom iets moet, als je gedachten razendsnel gaan en je altijd ‘aan’ staat, is de gemiddelde lesdag voor jou best wel een uitdaging. En kun je je gaan aanpassen of juist in verzet gaan. Voorkomen is beter dan genezen!
2. Wacht niet te lang met compacten en verrijken

Natuurlijk is de eerste week een startweek waarin veel aandacht is voor groepsvorming en nieuwe regels en afspraken, maar zodra je start met de lessen, bied dan ook meteen het aangepaste programma aan aan de (hoog)begaafde leerling(en) in je klas. Maak heldere afspraken en laat deze kinderen niet zwemmen. Spreek daarom duidelijk je verwachtingen uit en check regelmatig hoe het de leerling vergaat. Wil je weten hoe je een goed aanbod organiseert? Klik hier.
3. Schakel hulp in van de ouders en de leerling zelf
Zo snel mogelijk een gesprekje met de ouders is een investering voor het hele schooljaar. Geef aan bij ouders hoe het aangepaste lesprogramma eruit gaat zien en vraag ze om suggesties voor lesmateriaal. Heeft hun kind bijzondere talenten en/of hebben ze zorgen? Zorg ook dat je in de eerste periode in gesprek gaat en blijft met de leerling om te checken hoe het gaat en om afspraken te maken of aan te passen. Houd de regie in handen, maar zie ouders en leerling als bondgenoten die jou veel waardevolle informatie kunnen geven.

En tenslotte: gun het deze leerling ook om middenin de groep te staan en zich net als de anderen waardevol en gezien te voelen. Zet daarom deze kinderen niet met hun werk apart op de gang en zorg voor voldoende prikkelende vragen en activiteiten tijdens gezamenlijke lessen. Op deze manier investeer je in een goede band met deze leerlingen en zul je hier de rest van het schooljaar profijt van hebben!